Twee Italiaanse vrouwen zijn gisteren tijdens hun vakantie op het Kaapverdische eiland Sal op brute wijze vermoord, mogelijk na te zijn verkracht. De vrouwen, 28 en 33 jaar oud, werden gestenigd en achtergelaten in een kuil in het bos. Een derde Italiaanse, van 17 jaar, werd ook voor dood achtergelaten in de kuil, maar overleefde het geweld. Zij ligt met botbreuken en achttien hechtingen in haar hoofd in het ziekenhuis.
Een eerste lijkschouwing heeft volgens het Portugese persbureau Lusa uitgewezen dat de twee vrouwen zijn overleden aan door stompe en scherpe objecten veroorzaakte hoofdwonden.
De Italiaanse premier Romano Prodi heeft zijn afschuw uitgesproken over de moorden en een diplomaat van de Italiaanse ambassade in Senegal is naar Sal gestuurd, volgens het ministerie van buitenlandse zaken om erop toe te zien dat de daders snel voor de rechter worden gebracht. De Kaapverdische politie heeft drie arrestaties verricht.
De overlevende, Agnese, zei vanuit haar ziekenhuisbed voor de Italiaanse televisie dat zij en de twee anderen door een van de daders, die kennelijk iets met een van de vrouwen had gehad, uit eten waren gevraagd en vervolgens waren bespoten met een spray, waardoor ze zich niet meer konden verweren.
Ze werden naar een bos gebracht, waar reeds een kuil was gegraven. Daar werden ze verkracht, zo kon uit de woorden van het meisje worden opgemaakt, en vervolgens gestenigd. Het meisje raakte bewusteloos, maar kwam later bij, waarop ze uit de kuil klom en begon te lopen om hulp te halen.
De vrouwen maakten deel uit van een groep surfers en waren sinds 4 februari in Kaapverdië, een populaire vakantiebestemming onder Italianen.



