Het Britse voorzitterschap is er nog niet in geslaagd, een gemeenschappelijke verklaring van de 25 over de niet-erkenning van Cyprus door Turkije op papier te krijgen.
Vorige week tijdens de informele tweedaagse van de ministers van Buitenlandse Zaken van de Unie mislukte een eerste poging en de hele week probeerde het voorzitterschap Cyprioten, Grieken en Fransen tot toegevingen te bewegen. Tevergeefs: volgende week volgt een nieuwe poging en de Europese diplomatie houdt er nu ernstig rekening mee dat er op 26 september een extra-vergadering van de BZ-ministers komt om de Turkse knoop te ontwarren.
Toetredingsonderhandelingen
Op 3 oktober moeten de toetredingsonderhandelingen met Turkije van start gaan. Daarvoor is het echter nodig dat de 25 lidstaten een gemeenschappelijk standpunt over de niet-erkenning van Cyprus door Turkije hebben, maar ook dat de 25 het eens zijn over het onderhandelingsmandaat dat door de Commissie is opgesteld. Het één noch het ander is gebeurd. De discussies onder de 25 hebben bovendien tot gevolg dat de sfeer onder de 25 er voortdurend op verlechtert. De Griekse minister van Buitenlandse Zaken Georges Koutoutsakos vond het zelfs nodig om het Britse voorzitterschap op de plicht van neutraliteit te wijzen. “Het is de evidentie zelf”, aldus de Griekse minister, “dat geen enkele voorzitterschap het recht heeft de eigen nationale belangen te bevoordeligen”.
Het probleem Cyprus
Het Britse voorzitterschap wroet aan een tekst over de niet-erkenning van Cyprus door Turkije waar de 25 kunnen achter staan. Dat is een moeilijke oefening omdat een te harde tekst de relaties met de Turken grondig zou kunnen verstoren. Grieken en Cyprioten, die er allebei op aandringen dat het woord “erkenning” van Cyprus in de verklaring komt, verwijten de Britten teveel toegevendheid voor de Turken. Cyprus en Griekenland kunnen in deze discussie ook op de steun van Frankrijk rekenen.
Douane-akkoord
Voorts wordt er ook gebakkeleid over de uitvoering van het aangepast douane-akkoord. De interpretatie van Turkije verschilt echter grondig met die van de 25 en vorige week beslisten de 25 BZ-ministers dat de implementatie in de loop van 2006 geëvalueerd zal worden. Cyprus dringt er nu op aan dat niet alleen de Europese Commissie, maar de lidstaten zelf over de Turkse prestaties zouden oordelen.



